vertaal deze pagina

   Zoek op deze site met FreeFind

De parochie na WO I (1918-2016)

De St. Godelievekerk in puin aan het einde van Wereldoorlog I.
De St.-Godelievekerk in puin aan het einde van Wereldoorlog I.

Na de wapenstilstand van 11 november 1918 begon de moeizame wederopbouw van Beitem, dat door de verwoestingen van Wereldoorlog I (1914-1918) zwaar getroffen was. De kerk, de school, het klooster van de zusters, de pastorij, de onderpastorij, de patronage en talrijke huizen in de dorpskom en elders lagen helemaal of deels in puin. Voor de dringende herstelling van de opgelopen oorlogsschade werd door de gemeente een beroep gedaan op financiële ondersteuning van de Belgische Staat, met name op de hulp van de ministeriële 'Dienst der Verwoeste gewesten ', die werd opgericht in april 1919 en opgeheven in augustus 1926. Deze dienst had een drievoudige opdracht:

  1. Het herstel van landerijen en landbouwbedrijven. De Boerenbond speelde hier ook een actieve rol in. Het zwaar geteisterde Brouwershof aan de Meerlaan en tal van andere vernielde boerderijen vielen onder deze categorie.

    pastoor Louis Van Sluys met bouwvakkers in 1920
    pastoor Louis Van Sluys met bouwvakkers in 1920

  2. De heropbouw van openbare gebouwen, gemeentehuizen, kerken, scholen, enz. Zo kwam er in 1922 een nieuw gebedshuis op de plaats van de totaal verwoeste St.-Godelievekerk, die in 1865-1866 was opgetrokken door proost H.-A. Desmedt.

    Vernielde huizen op Beitem pla(e)tse in 1918.
    vernielde huizen op Beitem pla(e)tse in 1918.

  3. De bouw van voorlopige woningen voor de geteisterde particulieren. De geëvacueerde en gevluchte inwoners, die naar Beitem terugkeerden en hun huis in kapotgeschoten of afgebrande toestand aantroffen, kregen een voorlopig onderkomen in een houten (leger)barak, verhuurd vaak door het Koning Albertfonds (KAF). Ofwel ontvingen ze een overheidstoelage voor de bouw van een noodwoning in steen ('Drieduisters '). Het materiaal hiervoor (bakstenen, hout, dakpannen, meubilair, huisraad, e.d.) werd geleverd door de Staat en in grote hoeveelheden gestockeerd in een magazijn van de gemeente. Een deel van deze voorraden bestond uit schenkingen.

De nieuwe St.-Godelievekerk

de wederopgebouwde kerk
De heropgebouwde parochiekerk van Beitem

In 1922 werd de huidige Heilige Godelievekerk opgetrokken, onder impuls van de toenmalige pastoor Louis van Sluys. Het ging om een driebeukige hallenkerk (= een middenbeuk met 2 zijbeuken van ongeveer gelijke hoogte) in neo-gotische stijl. In de buitenmuur werd een ommegang van 8 statiën ingewerkt met taferelen uit het leven van de patrones St.-Godelieve van Gistel.

Het interieur van de kerk, met 3 wit bepleisterde en beschilderde beuken, geritmeerd door spitsbogen.
Interieur van de kerk (Brussel, Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK-IRPA) - www.kikirpa.be).

Het orgel van de kerk van Beitem.
Het kerkorgel (Brussel, Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK-IRPA) - www.kikirpa.be).

Het orgel, een instrument van de Brugse orgelbouwer L.-B. Hooghuys, dateert uit 1884. Het is afkomstig uit de kapel van het Sint-Niklaasinstituut te Kortrijk en werd in 1932 door J. Anneessens naar hier overgeplaatst. Als kleine jongen was ik jarenlang de 'orgelblazer ' en ... 'klepper ' (= klokkenluider). De blaasbalg van het instrument werd toen nog niet elektrisch, maar mechanisch (via een houten stang, met de hand!) aangedreven. Hier kreeg ik mijn liefde te pakken voor het orgel spelen, wat mij echter verboden werd door beide kosters ('sčfke kosters '), zowel 'den ouden koster ' als zijn wat minder strenge zoon ''t kleen kosterke '). Gelukkig kreeg ik op het internaat de kans om orgel, harmonium, piano en klavier-accordeon te leren spelen, en was nadien enkele decennia organist in de internaatskapel en later in de kloosterkerk. Hoe een dubbeltje rollen kan...

De pastoors van de parochie St.-Godelieve Beitem

Proost (nog geen pastoor!) Henri Desmedt (1866-1888)
Proost (nog geen pastoor!) Henri Desmedt (1866-1888)
Désiré Callaert (1889-1914)
Pastoor Désiré Callaert (1889-1914)
Jules Wulleman (1914-1917)
Pastoor Jules Wulleman (1914-1917)
Louis Van Sluys (1919-1931)
Pastoor Louis Van Sluys (1919-1931)
Camille Lourdault (1931-1956)
Pastoor Camille Lourdault (1931-1956)
Godfried Vandeputte (1956-1970)
Pastoor Godfried Vandeputte (1956-1970)
Albert Maes (1970-1976)
Pastoor Albert Maes (1970-1976)
Odiel Decouttere (1976-1990)
Pastoor Odiel Decouttere (1976-1990)
Eric Baes (1990-2003)
Pastoor Eric Baes (1990-2003)
Guido Van Vlaenderen
pastoor federatie Rumbeke Guido Van Vlaenderen (2003-2015)
Hulppriester/Moderator Frans De Muynck (1971-1986)
pastoor/moderator federatie Rumbeke Frans de Muynck (2003-2014)
Hulppriester/Moderator Johan Loones (vanaf 2015)
pastoor/moderator federatie Rumbeke Johan Loones
(vanaf 1 dec. 2015)

Onderpastoors en hulppriesters van de parochie Beitem

Onderpastoor Louis Van Sluys (1898-1919)
Onderpastoor Louis Van Sluys (1898-1919)
Hulppriester Odiel Spruytte (1916-1918)
Hulppriester Odiel Spruytte (1916-1918)
Onderpastoor Marcel Carlier (1927-1932)
Onderpastoor Marcel Carlier (1927-1932)
Onderpastoor Oscar Deprez (1948-1970)
Onderpastoor Oscar Deprez (1948-1970)
Hulppriester Roger Holvoet (1941-1949)
Hulppriester Roger Holvoet (1941-1949)
Hulppriester André Sinnesael (1971-1986)
Hulppriester op rust André Sinnesael (1971-1986)

Afschaffing van de parochie St.-Godelieve Beitem (2016)

Kaart van het decanaat Roeselare, met onderdaan de parochiefederatie Rumbeke (Bron: Kerknet)
Het decanaat Roeselare, met onderaan de parochiefederatie Rumbeke (Bron: Kerknet).

Al sinds 2003 had Beitem geen eigen vastbenoemde pastoor meer. De parochie werd bediend door priesters van de federatie Rumbeke: Guido Van Vlaenderen en Frans De Muynck. Vanaf 1 januari 2016 bestaat ook de parochie van Beitem zélf niet meer. De parochiekerk werd, aan het einde van een kerstavondviering op 24 december 2015, onttrokken aan de eredienst (= ontwijding) en teruggebracht tot een profaan en niet-onwaardig gebruik, zoals dat in het kerkelijk jargon heet. De ca. 1750 (eind 2015) inwoners van Beitem moeten het nu verder zélf maar uitzoeken... De 'uitverkoop ' van het grondgebied van de parochie gaat als volgt:

Kaart van de parochie Beitem, met de grensafbakening van 1889 (Bron: Roger Sinnesael)
Afbakening van de parochie Beitem (Bron: Roger Sinnesael).

Klik hier voor een uitvergrote kaart

  • het gedeelte dat tot Roeselare behoort sluit aan bij de parochie Sint-Henricus op de Zilverberg (Rumbeke);
  • het stuk dat op het grondgebied van de gemeente Moorslede ligt wordt gevoegd bij de parochie Sint-Martinus van Moorslede;
  • wat deel uitmaakt van de gemeente Ledegem wordt opgenomen in de pastorale eenheid H. Damiaan van Ledegem, Rollegem-Kapelle en Sint-Eloois-winkel.

De parochiekerk van Beitem. Joël Verbeke, ingekleurde pentekening, 1981.
De parochiekerk van Beitem. Joël Verbeke, ingekleurde pentekening, 1981.

"Hoe is het toch mogelijk dat ze in Beitem nu geen kerk meer hebben!!!! Ik heb zeer goede herinneringen aan mijn misdienaars-tijd aldaar. Beitem is nu "onthoofd", want een dorp zonder kerk is als een kip zonder vlerk. Het kerkgebouw vormde het centrum van het dorp. Het is er ooit gebouwd om voortdurend in het middelpunt van de belangstelling te staan, om gezien te worden. Niemand kon naast de kerk kijken. Het kerkgebouw bezette het midden van de publieke ruimte. Vandaag is dat "ruimtelijk" nog op veel plaatsen het geval, het kerkgebouw staat er nog wel, maar de deuren gaan slechts af en toe, of helemaal niet meer open. Iedereen ziet nog wel het kerkgebouw, maar rijdt er gewoon langs. Het is in bepaalde gevallen een ruimtelijke hindernis voor het verkeer geworden...

Het doet me denken aan de passage uit een van Nietzsches parabels met als titel "Der tolle Mensch" (= de dolle mens). Hij voert een personage op dat op klaarlichte dag op de markt God zoekt. Hij wordt echter door iedereen uitgelachen want op de markt vindt hij alleen goddelozen. Hij vraagt zich af wat er met God gebeurd is in de wereld van de mensen. Is God verhuisd? Voor alle zekerheid gaat hij God zoeken in het lege kerkgebouw, maar daar vindt hij alleen de grote lege ruimte...

De hoeksteen van "het rijke Roomse leven", gevierd en beleefd in het kerkgebouw, is gebroken. In plaats van zelf drager te zijn is die bezweken onder de zwaartekracht van het onomkeerbare cultuurproces dat Nietzsche, toen de twintigste eeuw op de horizon van de tijd verscheen, "de dood van God" genoemd heeft.

In het katholieke Vlaanderen is de druppel, die de kerkelijke emmer helemaal heeft doen overlopen, het jaar 2010, het schandaaljaar met de publieke ontmaskering van de pedofiele bisschop van Brugge, Roger Vangheluwe. Onthullingen over misbruik in het recente en verre verleden volstonden om over de katholieke kerk niets minder dan het morele failliet uit te spreken.

Het traditionele "geloof in God" is in de moderne wereld versteend tot een systeem dat de eigen principes waarvan het leeft, negeert om een machtscentrum op zich te kunnen zijn en blijven. Ook de dag van vandaag blijft de resterende kerkelijke overheid in Vlaanderen zichzelf nog opsluiten in de laatste resten van dat gewezen machtscentrum. Er is geen enkel creatief signaal vanuit de kerkelijke hiërachie uitgegaan om het probleem van het kerkgebouw onder ogen te zien en mee te denken aan een nieuwe toekomst voor het gebouw. Zover staan we nu..."

(Dirk Wyffels)

de parochiekerk van Beitem, voor de afschaffing.
De parochiekerk van Beitem, vóór de afschaffing ervan op 1 januari 2016.

    Disclaimer     © Copyright 2014- . Alle rechten voorbehouden. Contact: willem.wylin@telenet.be